bandeau.gif

Blog

This is some blog description about this site

Syndication Derniers articles

De Euromarsen 2015 naar Brussel. Internationale samenwerking moet meer dan ooit op de agenda

Posted by Piet van der Lende
Piet van der Lende
Ik ben geboren in 1947 in Spanga. Na mijn middelbare schooltijd ben ik naar Amsterdam gegaan om te studeren en...
Hors ligne
le vendredi, 25 septembre 2015
dans Nederland

Uit vier hoeken van Europa worden Euromarsen van sociale bewegingen en vakbondsgroepen naar Brussel gehouden om op 15 october 2015 de Europese Raad van regeringsleiders en staatshoofden te omsingelen.
Vanuit Gibraltar in Spanje, vanuit Londen, uit Athene in Griekenland en vanuit Berlijn in Duitsland willen de actievoerders met deze marsen een debatruimte en een dialoog creeeren tussen de Europese volkeren om dan samen de contouren van een andere Europese Unie naar Brussel te brengen, open tegenover de wereld en gemaakt op basis van solidariteit.
Zie voor een verklaring van de actievoerders: http://www.andereuropa.org/manifest-van-de-euromarsen-2015/

De vraag is wat er in die debatruimte en dialogen moet gebeuren. Uit de verklaring van de actievoerders: Er is niets terecht gekomen van het democratisch, egalitair, sociaal, verenigd en vredevol Europa waar zo naar verlangd werd na de Tweede Wereldoorlog. De huidige toestand voor de burgers en volkeren van Europa biedt geen enkel perspectief.
We bevinden ons duidelijk in een sociale noodtoestand voor de burgers, en de democratie is ons te dierbaar om aan de markten over te laten. Het is al een hele tijd dat de regeringen zich ontwapend hebben tegenover de markten, onder luid applaus van de media. Wij roepen de Europese bevolking op tot burgerlijk verzet tegen de dictatuur van de banken. De tijd is gekomen dat burgers hun historische roeping opnemen om in opstand te komen tegen de tirannie van de minderheid, met de eis voor een andere Europese Unie die ten dienste staat van de mensen, en niet van de markten. Tot zover citaat.
De actievoerders lijken te streven naar het enig mogelijke antwoord: het ontstaan van een werkelijk Europese beweging van samenwerkende volkeren, die zich op Europees niveau verzetten tegen de neoliberale verdeel en heers politiek van de rechtse politici, banken, kortom de rijken en machtigen in Europa die met voorbijzien aan sociale, milieu en vredesbelangen hun positie willen handhaven en zich nog meer verrijken. Actievoerders, die op Europees niveau een herziening eisen van de Europese instellingen en haar beleid. Tegen een verdeel en heerspolitiek van migranten en vluchtelingen aan de ene zijde en andere werkenden en uitkeringsgerechtigden aan de andere zijde, een verdeling tussen en een eindeloze opdeling van mensen in subgroepen via allerlei regelingen en niet in de laatste plaats een verdeel en heerspolitiek langs nationale scheidslijnen.
 
Op verschillende discussielijsten is een discussie ontstaan over hoe nu verder na de akkoordverklaring van Griekenland met de eisen van de kapitaalbezitters voor de hervormingen lees: afbraak van hun samenleving in het belang van de rijken. Daarbij wordt der lans gebroken over de opstelling van Syriza, die zouden hebben gecapituleerd en de overwinning van Syriza in de recente verkiezingen zou daarom een nederlaag zijn. Maar wat moesten zij anders? De chantagepolitiek van de Troijka had hen bij uittreden uit de EU in ellende gestort, Griekenland was bij wijze van spreken economisch vernietigd, de fabrieken die er nu nog zijn zouden gesloten worden en Griekenland kan zijn producten niet kwijt als er nog iets geproduceerd wordt en ik ben geen voorstander van miljoenen hongerdoden waarbij wij met het hoofd fier omhoog kunnen zeggen: maar ons principiele verzet hebben wij gehandhaafd. Ook in Nederland begint onder steeds meer linkse mensen het besef op te komen: weg met de EU, we lossen het nationaal wel op, we doppen onze eigen boontjes, een ander Europa is onmogelijk. Volgens mij is een nationale oplossing onmogelijk geworden. Een land dat uit de EU treedt of nationaal verzet gaat plegen tegen de EU maatregelen treft hetzelfde lot als Griekenland. Ik denk dat als er bijvoorbeeld een sterke linkse stroming in Nederland zou komen, die zich volledig wil afwenden van de EU en die stroming zou haar standpunten (gedeeltelijk) kunnen doorzetten in regeringsbeleid, dat dan -als in andere Europese landen geen sterke linkse solidaire ant-Eu beweging bestaat met grote invloed- er verdeeldheid gaat ontstaan onder de nationale bevolking onder de druk die andere Europese landen -in handen van de kapitaalverschaffers- uitoefenen en men is dan gedwongen het dictaat van de kapitaalverschaffers te accepteren. Mijn mening is: een ander Europa en het streven daarnaar in een internationale, Europese beweging is de enige weg. De actievoerders die vooral vanuit Spanje naar Brussel komen lijken dat ook te beseffen. Daarbij moet een links Europees programma ontwikkeld worden van hoe wij Europa zien en de Europese samenwerking. Daarin is ook plaats voor een partij als Syriza, in mijn ogen. Is werkelijke samenwerking van links in Europa een utopie? Kunnen wij het nationalisme niet doorbreken? Heeft het geen zeggingskracht bij de mensen, omdat Europa een ver van mijn bed show is? Is het daarom een onpraktisch uitgangspunt als links aanhang en meer invloed wil verwerven? Het zal wel. Helaas is het in mijn ogen de enige mogelijkheid. Dus we kunnen het er beter over gaan hebben hoe we die knelpunten oplossen.
Met name op 16 en 17 oktober zal op tegentoppen in de schaduw van de EU-top veel over dit onderwerp worden gediscussieerd. Maar ook op andere internationale bijeenkomsten zoals de klimaattop in Parijs in december. Onder de rubriek actualiteiten staat het programma van de activiteiten in october.
 

Piet van der Lende

Mots clés : Aucun mot clé
Lectures : 5454 0 commentaires
0 votes

De opvattingen van Piketty

Posted by Piet van der Lende
Piet van der Lende
Ik ben geboren in 1947 in Spanga. Na mijn middelbare schooltijd ben ik naar Amsterdam gegaan om te studeren en...
Hors ligne
le samedi, 29 novembre 2014
dans Nederland

Op 30 october verscheen de Nederlandse vertaling van ‘Kapitaal in de een en twintigste eeuw’ van de Franse econoom Thomas Piketty. Het boek is in Frankrijk lauw ontvangen, maar de Engelse vertaling, een pil van 685 bladzijden,  heeft geleid tot een hausse aan reacties en het boek werd een bestseller. Er lijkt een discussie te worden opengebroken, die lange tijd gesloten geweest was. Wat Piketty op basis van uitgebreide historische analyses op de agenda zet, is niet zozeer het feit, dat we in het kapitalisme puissante rijkdom naast extreme armoede kennen. Velen hebben dit waargenomen in de loop der eeuwen en daar theorien aan gewijd. De discussie die Piketty weer op de agenda zet is de vraag, of die extreme verschillen tussen arm en rijk en eventueel een verdergaande verarming van grotere delen van de bevolking het gevolg zijn van immanente systemische onvolkomenheden van het kapitalisme, van de tendenzen die het gedrag van het kapitaal en de verdeling van armoede en rijkdom bepalen, of dat het kapitalisme die onvolkomenheden niet kent, in zich een goed naar evenwichten tenderend systeem is, dat harmonisch kan functioneren waarbij externe factoren de evenwichten kunnen verstoren. In de neo-klassieke economie worden in feite externe variabelen in het systeem ingebracht, die evenwichts verstorend kunnen werken en die  de verschillen tussen arm en rijk bepalen. Een tweede stroming die er impliciet van uitgaat, dat het kapitalisme op zich goed functioneert  is de morele stroming, die ter discussie stelt of de tegenstelling tussen arm en rijk op zich verkeerd is. Wat is erop tegen, als maar iedereen te eten heeft? En uitwassen moeten bestreden worden door de mensen een goede moraal bij te brengen, door sociaal ondernemerschap, want ja, ook de kapitalisten moeten niet zo hebberig zijn en proberen zoveel mogelijk winst te maken. Sociale ondernemer zijn betekent, dat je sociaal voelend a la Bill Gates een deel van je fortuinen weggeeft en verdeelt onder de armen. In het verlengde daarvan liggen de initiatieven voor een sociaal kapitalisme. De 'sociale ondernemingen' schieten als paddenstoelen uit de grond. Heel andere uitgangspunten dan wanneer je het kapitalisme beschouwt als een productiesysteem van immanente onvolkomenheden, dat uit zichzelf als het ware de stagnatie van de samenleving organiseert.

 Een oude gedachte

 Marx analyseerde de immanente tegenstrijdigheden van het kapitalisme als systeem van productie. Centraal in zijn theorien staat de arbeidswaardeleer. Het zou te ver voeren, dat verder hier uit te leggen, maar ook in die theorie is het kapitalisme een productiesysteem dat armoede, stagnatie, oorlog en ellende produceert als uitvloeisel van de wetmatigheden in de productie.  Het is onmiddellijk duidelijk dat uitgaan van de immanente onvolkomenheden van het productiesysteem zelf een adequate kritiek oplevert op de stromingen, die stagnatie zoeken in externe factoren of de moraal, of de mens als beest, dat altijd in ons sluimert. Je leidt dan de aandacht af van het feit, dat het kapitalisme als productiesysteem minstens net zo’n groot probleem is. Dat de tegenstellingen tussen arm en rijk, en de concentratie van rijkdom in handen van zeer weinigen niet zozeer het gevolg zijn van de moraal, of externe factoren, maar inherent zijn aan het kapitalistisch productiesysteem en dat dus eerst dat productiesysteem ter discussie gesteld moet worden alvorens te werken aan een rechtvaardiger maatschappij. Het is een weerlegging van de Amerikaanse droom, die verwoord dat iedereen de maarschalksstaf in zijn ransel heeft. Iedereen kan hogerop komen, als je maar wil, als je maar de goede ondernemersmentaliteit hebt. Iedereen krijgt kansen in het kapitalisme, grijp die! Nee, zegt nu Piketty, op basis van een indrukwekkende historische analyse, wanneer het kapitaal zich concentreert in handen van een steeds kleinere elite, stagneert de samenleving, neemt de sociale mobiliteit af, worden de kansen voor mensen hogerop te komen en/of zich te ontplooien minder. Het gevolg is stagnatie van de gehele maatschappij.

 stagnatie en gebrek aan sociale mobiliteit

 Bij steeds grotere ongelijkheid in bezit en inkomen komt er een rem op de economische groei omdat rijken hun geld nog slechts gedeeltelijk besteden in de economie en de rest oppotten. Grote ongelijkheid is een gevaar voor de democratie en politieke invloed van alle burgers: rijken kunnen de duurste advocaten en lobbyisten inhuren en met geld invloed kopen om wetten aangenomen te krijgen die zij willen. Mensen met een laag inkomen hebben geen reserves. Bij een tamelijk geringe tegenslag komen ze al in de problemen of schulden die alle tijd en energie opslokken. Mensen met weinig inkomen investeren ook minder in scholing en opleiding voor zichzelf en hun kinderen waardoor ze niet hogerop kunnen komen. Grote ongelijkheid remt de sociale mobiliteit. Maar er is ook een tendens dat de middengroepen verdwijnen. Langzaam in de loop der jaren opklimmen in de maatschappij of het bedrijf waar je werkt wordt steeds moeilijker. Het wordt steeds meer: alles of niets. Piketty is niet de eerste die op deze tendenzen gewezen heeft. Reeds de historicus Jan Romein formuleerde de wet van de remmende voorsprong: Een bedrijf of organisatie, kan een product met grote innovatieve waarde ontwikkelen en daar winsten mee maken, maar daarna in de verleiding komen op de inkomsten te blijven teren en noodzakelijke investeringen voor innovatie te veronachtzamen. In de tijd van Romein bestonden grote verschillen tussen verschillende delen van de wereld waardoor hij veronderstelde, dat dan elders de op hun lauweren rustende ondernemingen zouden worden voorbijgestreefd. Wanneer echter de concentratie van steeds meer toenemende rijkdom in handen van weinigen wereldwijd is, kan dit teren op de inkomsten algemeen worden en vernieuwende ontwikkelingen tegenhouden.

Daarmee wordt ook een kritiek geformuleerd op strategien om mensen aan de onderkant van de samenleving zelfredzaam te maken en te ontwikkelen door aan hun gedrag te sleutelen. Bijvoorbeeld de reintegratie cursussen voor werklozen, eigen kracht conferenties, etc. Werklozen ervaren aan den lijven dat het zo niet werkt, dat om een hen soms onbekende redenen of door de grote massawerkloosheid het hogerop komen niet lukt, dat er op de een of andere manier factoren in het spel zijn die dat belemmeren, die buiten henzelf liggen. Marxistische theorien waren in het verleden explosieve kritieken op de ideologie van de self made man die iedereen kan worden, op de plaats van de moraal in het discours van de verdedigers van het kapitalisme.

 Piketty

 En nu is er Piketty. Beslist geen marxist, hij zet zich expliciet af tegen de hiervoor genoemde arbeidswaardeleer. Ook bij Piketty tendeert het kapitalisme uiteindelijk naar een nieuw evenwicht alleen…. hier gaan vele decennia overheen. En in die periode stagneert de samenleving, de economie. En moeten miljoenen in ellende leven.

Piketty zegt zelf, dat vermogensongelijkheid helemaal niet erg is, dat het in Europa nog geen probleem is, de concentratie van vermogens, en dat we blij moeten zijn dat we zoveel vermogen hebben, er moeten hooguit kleine belastingen komen op die vermogens.  Eigenlijk, zou je kunnen zeggen, trekt hij dus geen radicale politieke conclusies uit zijn eigen verhaal. Waarom doet hij dat?  Is dit een bewuste strategie van hem, terwijl hij wel weet, dat het probleem veel groter is? Het is in strijd met de urgentie van de analyses in zijn boek. Hij betoogt steeds, dat hij de vrije markteconomie lief heeft en dat hij houdt van het kapitalisme en dat hij in Oost Europa geweest is tijdens de val van de muur en dat hij dacht: hoe is het mogelijk, dat mensen voor zo' n systeem kiezen, ik wil dat nooit. Hierdoor is hij voor rechts zeer moeilijk met de traditionele middelen te bestrijden. Toch heeft hij een  opzienbarend boek geschreven, waarin een fundamentele kritiek wordt geleverd op het kapitalisme. Echter, hem daarop wijzen, helpt niet. ' Ik hou van het kapitalisme, zegt Piketty, ik wil het helemaal niet afschaffen. Ik lever er alleen kritiek op' . Wat is eigenlijk het doel van Piketty? Wellicht het volgende. In verschillende interviews geeft hij aan, dat we volgens hem historisch belast zijn met de tegenstellingen tussen Oost en West, met de koude oorlog, met het mislukken van het communistisch experiment in Oost-Europa. Hij geeft aan, dat we eigenlijk een beetje collectief opgehouden zijn met denken. Rechts en links zijn de afgelopen decennia met de opkomst van het neoliberalisme een soort psychologische oorlogvoering begonnen op basis van de tegenstellingen in het verleden. Piketty wil dat doorbreken.

 Geen politieke strategie

 Maar een politieke strategie om de hervorming van het kapitalisme door te voeren staat niet in de dikke pil van Piketty. Al op de eerste bladzijden kun je hem op een tegenstrijdigheid betrappen. Aan de ene kant zegt hij, dat de kwestie van de ongelijkheid van rijkdom, kapitaal, inkomen heeft geleid tot zelfs gewelddadige politieke conflicten en dat de wetenschap niet in staat is deze conflicten te verzachten of te modereren. Aan de andere kant stelt hij zijn hoop op die wetenschap en de democratie en dat die in staat zullen zijn de regie van de democratie over het kapitalisme te herstellen, voorzover die regie is verdwenen en dat daarom een rationele oplossing zal worden gekozen en dat de kladderedatsch die Marx voorspelde van revolutie of oorlog zal worden voorkomen. In dit verband stelt hij, dat wetenschappelijke economische inzichten al veel goed werk hebben gedaan. Wat is het nu? Kan de wetenschap ons verder helpen, of niet? En zo niet, hoe kunnen wij een verandering bewerkstelligen? Een echt nieuw antwoord zul je in het boek van Piketty niet vinden.

 Piet van der Lende

Mots clés : economie, kapitalisme, Piketty
Lectures : 7904 0 commentaires
0 votes

L’Europe, c’est aussi l’affaire des chômeurs et précaires !

Posted by Laurent Delavigne
Laurent Delavigne
Membre de la coordination des Marches Européennes, mandaté par le MNCP. Coordinateur de Pas à Pas, associatio...
Hors ligne
le jeudi, 09 octobre 2014
dans France

Le mouvement des chômeurs s’est investi dans l’action européenne depuis 1997, avec une forte participation dans le cadre d’une manifestation organisée par le réseau des Marches Européennes contre le Chômage, la Précarité et les Exclusions, à Amsterdam ; manifestation qui avait alors réuni plus de 50 000 personnes. Dans un contexte où l’Europe, fondée principalement sur des bases économiques, ne prêtait pas d’attention aux aspirations sociales des citoyens, Il s’agissait de revendiquer la prise en compte de la lutte contre le chômage et la précarité au niveau européen.

Certes, le Fonds Social Européen existait depuis 1960, mais ce fonds structurel ne répondait pas à nos attentes dans un contexte de chômage de masse, et de développement des exclusions sociales.

Un nouveau titre « Emploi » a alors été intégré au Traité de l’Union Européenne en 1997, donnant lieu à la Stratégie Européenne pour l’Emploi.

Depuis lors, nous avons participé à nombre de coordinations de réseaux européens de chômeurs et précaires, nous avons essayé d’agir à travers différents leviers : le réseau des Marches Européennes contre le Chômage la Précarité et les Exclusions, le Réseau Européen des Chômeurs, le Réseau Européen de Lutte contre la Pauvreté, la plate-forme des ONG du secteur Social… Le MNCP a aussi pu exposer ses revendications dans le cadre de son travail au sein du Conseil National des Politiques de Lutte contre la Pauvreté et les Exclusions Sociales, donnant ainsi son avis sur le Plan National d’Action pour l’Inclusion Sociale, puis sur le Programme National de Réforme (Documents que chaque Etat membre doit présenter à la Commission Européenne).

 Nous avons co organisé avec le réseau des Marches Européennes et le ENU (Réseau Européen des Chômeurs) plusieurs Assemblées Européennes de Chômeurs et Précaires en Lutte, participé aux Forum Sociaux Européen…

Jamais nous n’avons réussi à nous faire entendre, mis à part les quelques liens privilégiés avec quelques parlementaires. Et ce malgré des initiatives, lancées avec très peu de moyens, qui avaient cependant probablement le mérite d’alerter les pouvoirs publics et les instances européennes de l’urgence de la situation, de l’attente forte de nombre d’organisations d’une Europe plus concernée par le sort de ses citoyens. En effet, les instances européennes, et la presse dans son ensemble, n’ont pas jugé opportun de s’intéresser à ces chômeurs qui se sont mis en marche, à travers toute l’Europe, vers Amsterdam en 1997, vers Cologne en 1999, vers Nice en 2000, vers Séville en 2002.

En 2000, nous avons travaillé d’arrache-pied pour nous faire entendre par la « convention » qui devait produire la « Charte des Droits Fondamentaux de l’Union Européenne, où nous marquions notre attachement à des valeurs comme le Droit au Travail (qui devenait le droit de travailler), ou encore le Droit au revenu.

La commission a fait fi des revendications co élaborées avec des organisations et des réseaux de l’Europe des 15, puis de l’Europe des 28, revendications travaillées par les premiers concernés lors des Assemblées des Chômeurs et Précaires, lors des Forum Sociaux Européens.

Force est de constater que la Commission continue de suivre la même ligne : recommander à chaque Etat membre de réduire les déficits publics, renouer avec la croissance pour créer de l’emploi ! Tout en affichant des objectifs chiffrés de réduction de la pauvreté…

Plus encore, quand on s’attarde sur les recommandations faites à la France (et à de nombreux autres pays), il s’agit bien souvent d’inviter à augmenter le taux d’emploi en réduisant le coût du travail, baisser les allocations des chômeurs et les différentes aides sociales pour « inciter au retour à l’emploi »

Nous le savons, cette logique conduit toujours à plus de précarité, plus de pauvreté… faut-il rappeler que dans les années 2000, le processus de Lisbonne  se fixait pour objectif, outre le fait de devenir « l’économie de la connaissance la plus compétitive du monde »,  « d’éradiquer la pauvreté des enfants d’ici 2010 » ? Echec cuisant !

Aujourd’hui, la stratégie adoptée s’appelle « Europe 2020 », elle se compose de 3 axes prioritaires :

  • l’innovation,
  • l’accroissement du taux d’emploi,
  • la durabilité de la croissance… avec des objectifs chiffrés :

« un taux d’emploi global de 75% (5% de plus que dans la stratégie de Lisbonne), un budget de la recherche équivalent à 3% du PIB, une réduction de 25% de la pauvreté, ou encore une diminution de l’échec scolaire de 15 à 10%. »

Concrètement, nous observons dans les témoignages livrés lors des coordinations des Marches Européennes une montée toujours plus forte de la précarité (qui est souvent liée à la baisse du chômage), le durcissement des conditions d’accès aux systèmes d’assurance chômage, leur limitation dans le temps, le basculement des régimes d’assurance chômage vers des systèmes de solidarité qui eux aussi deviennent de plus en plus contraignants, une incitation au retour à des emplois précaires qui ressemble de plus en plus à du travail contraint, voire forcé…

Plus grave encore, les objectifs de réduction des déficits sont en parfaite contradiction avec les objectifs de réduction de la pauvreté. Enfermée dans la logique Croissance – Emploi – Réduction du coût du travail – Réduction des déficits,  les gouvernements et la commission ont remis en question les modèles de l’Etats providence. Le paroxysme est atteint aux Pays-Bas où le roi a récemment appelé à renoncer à l’Etat Providence pour aller vers la « Société de la Participation ». Nouvelle formule derrière laquelle se cache entre autre l’obligation pour les chômeurs de fournir du travail bénévole sous peine de perdre leur allocation… La Grande-Bretagne a mis en place une logique similaire avec son tout nouveau programme « Help to Work ». Les chômeurs longue durée auront en effet le choix : pointer tous les jours au job Center, ou faire du bénévolat, 30h par semaine, pendant 6 mois, en Allemagne, on contraint les chômeurs à accepter les tristement fameux « jobs à 1 € »… En France, des idées semblables ont déjà été avancée, notamment par un certain Laurent Wauquiez qui, en 2011, proposait de contraindre les RSAstes à 5h de bénévolat par semaine.. Toujours la même logique : les chômeurs profiteraient des allocations, il faudrait donc inventer des dispositifs pour les « encourager », les « remettre au travail »…

Le résultat de ces politiques, nous les connaissons : un jeu atour des chiffres du chômage, une précarité grandissante, un désespoir et une souffrance accrus de toutes celles et ceux qui subissent ce système.

Se fédérer au niveau européen est aujourd’hui fondamental, savoir ce qui se passe ailleurs permet bien souvent d’anticiper sur ce qui risque de se passer chez nous ! Enfin, on l’a vu lors des dernières élections européennes, la plupart des citoyens se sentent loin  de cette Europe. Rapprocher les citoyens de l’Europe exige qu’on nous donne les moyens d’exister, de se structurer, de défendre notre point de vue auprès des politiques et des instances européennes. C’est probablement là un des grands enjeux des années à venir.

Laurent Delavigne

Coordinateur de Pas à Pas - MNCP47

http://www.chomeurs47.fr

Article publié dans la revue "PARTAGE"

 

 

 

 

Mots clés : Aucun mot clé
Lectures : 7916 0 commentaires
0 votes

Die Partizipationsgesellschaft

Posted by Piet van der Lende
Piet van der Lende
Ik ben geboren in 1947 in Spanga. Na mijn middelbare schooltijd ben ik naar Amsterdam gegaan om te studeren en...
Hors ligne
le vendredi, 31 janvier 2014
dans Deutland

In Holland wird diskutiert ueber diesogenannte  Partizipationsgesellschaft.  Einfach gesagt bedeutet dies, dass jeder Burger teilnehmen muss an Aktivitaeten in der Gesellschaft. Dabei muss eine Politik entwickelt werden, die diese Teilnahme durch verschiedene Massnahmen stimuliert. Aktiv teilnehmen an der Gesellschaft sei gut fuer die Buerger, und gut fuer die Gesellschaft. So wird das verkauft. In Wirklichkeit aber fuehrt die Regierung ein Austaritatspolitik wobei in der medizinischen Versorgung, im  Unterricht und in der sozialen Sicherheit  die Ausgaben gekuerzt werden. Dabei werden tausende von Arbeitskraeften entlassen. Die Buerger in der Partizipationsgesellschaft sollen diese Arbeit freiwillig verrichten. Zum Beispiel bei der Versorgung von alten kranken Leuten. Die Regierung hat Plaene, dass diese Leute nicht laenger in Alterhaeusern verpflegt werden, sondern dass ihre Familie und Nachbarn die Versorgung dieser Menschen uebernehmen in ehrenamtlicher Arbeit. Dass nennt man affektive Buergerschaft‘. Dass ist die Wirklichkeit der Partizipations Gesellschaft.

Unterteil dieser Partizipationsgesellschaft ist die neue Organisation der Sozialhilfe. Auch Arbeitslose und Arbeitsunfaehige sollen verpflichtet werden teilzunehmen an der Gesellschaft. Dazui nimmt man zwei Massnahmen. Zuerst werden  Arbeitslose verpflichtet zu arbeiten in sogenannten Partizipationsjobs. Waehrend einem Jahr, maximal  4 Jahren, arbeitet dieser Arbeitslose gegen Sozialhilfe. Wer nicht mitarbeitet, bekommt wird gekuerzt. Jetzt wird eine Ausbreitung dieser Sanktionen diskutiert. Die Arbeitslosen arbeiten nicht nur im Bereich oeffentlicher Dienstleistungen, sondern auch in kommerziellen Betrieben. Offiziell duerfen diese Partizipationsjobs nicht konkurrierend sein fuer  andere Arbeitgeber, denen keine gratis Arbeitskraefte zur Verfuegung gestellt werden und duerfen sie keine bestehende bezahlte Arbiet verdraengen. Aber in Wirklichkeit geschieht dies doch. Die Gemeinden lassen um Sparmassnahmen durchfuehren zu koennen Arbeitslose zum Beispiel in den Gruenanlagen arbeiten. Diese Massnahmen gelten fuer Arbeitslose in der Soszialhilfe von denen man denkt, dass sie vielleicht laengerfristig einen Job finden und die nicht Arbeitsunfaehig sind.

Die zweite Massnahme ist, dass Arbeitsunfaehigen in der Sozailhilfe auch zu einer sogenannten Gegenleistung verpflichtet werden, als Bedingung um Sozialhilfe zu bekommen. Jetzt wird diskutiert ob diese Gegenleistung auf nationaler Ebene verpflichtet werden muss, fuer alle Sozialhilfeempfaenger, oder ob die Gemeinde befugt ist zu entscheiden, wobei sie die persoenliche Situation der Sozialhilfeempfanger beruecksichtigen kann. In Holland gibt es keine Volksversicherung gegen Arbeitsunfahigket, daher kommen viele Leute die nicht durch Arbeit in Lohndienst versichert sind und arbeitsunfaehig werden in die Sozialhilfe. Bei dieser Gegenleistung kann es um verschiedene Formen ehrenamtlicher  Arbeit gehen.

Dabei sagt man dass diese Massnahmen Rechtfertig seien, weil die Steuerzahler fuer die Sozialhilfe bezahlen. Dann bekaemen andere Leute ihre Sozialhilfe umsonst. Daher sei  es auch gerecht,  dass die Bedingung gestellt wird, dass sie etwas zuruecktun fuer die Gesellschaft.

Diese Massnahme sind Teil einer neuen Organisation der Sozialhilfe. Dies wird das Partizipationsgesetz genannt. Die alte Sozialhilfe wird uebergehen in dieses Partizipationsgesetz. Es betrifft ungefaehr 400.000 Leute. Auch jungbehinderte in der Wajong  (eine Versicherung gegen Arbeitsunfaehigkeit) sind von diesem  Partizipationsgesetz betroffen. Ungefaehr 200.000 Leute. Und dazu kommen  ungefaehr 100.000 Leute in der sogenannte WSW. Dass sind zum Beispiel geistig Behinderte, die arbeiten in sozialen Werkstaetten und dabei Lohn verdienen. Diese Zahl wird abgebaut auf 30.000 Leute. Es gibt keine neuen Zugaunge mehr in diesem System. Die anderen fallen auch unter das Partizipationsgesetz.

Die Gewerkschaften und Aktionscomite’s leisten Widerstand gegen die Konzeptionen der Partizipationsgelellschaft und im Besonderen gegen was sie Zwangsarbeit in der Sozialhilfe nennen. Dabei haben sie u.a. die folgende Forderungen:

Keine Zwangsarbeit. Wenn man bestimmte Arbeit leisten muss ohne dass man selbst etwas kann wahlen und unter Druck von Strafkuerzungen, ist das Zwangsarbeit, streitig mit internationalen Menschenrechtevertraegen. Wenn man arbeitet, muss man einen Lohn verdienen. Es gibt nur zwei Formen von Arbeit: wirklich freie Freiwillige Arbeit und Lohnarbeit oder andere Arbeit womit man Geld verdient. Es gibt eine Diskussion in den Gewerkschaften ob man drei Monate arbeiten ohne Lohn zustimmen kann, unter bestimmten Bedingungen, zum Beispiel wenn es dadurch Chancen gibt auf bezahlte Arbeit und man Erfahrungen sammelt.

Es darf keine Verdraengung geben von bestehender bezahlter Arbeit durch Zwangsarbeit.

Wir muessen in unseren Forderungen eine Antwort auf dieses Konzept von die Partizipationsgesellschaft formulieren. Auch in England gibt es aehnliche Entwicklungen. Dort gibt es auch eine starke Bewegung gegen die Zwangsarbeit und wir mussen Kontakte mit diesen Gruppen suchen.

Piet van der Lende

Mots clés : Aucun mot clé
Lectures : 8792 0 commentaires
0 votes
RizVN Login



RizVN Follow Us
Follow us on FacebookFollow us on Twitter